Gepubliceerd op 22 januari 2009
Gepubliceerd op 22 januari 2009
Frank Bovenkerk gaat onder meer onderzoeken wat de keerzijde is van de huidige maatregelen tegen terrorisme en radicalisme
foto Jeroen Oerlemans
Het is begrijpelijk dat de maatschappij zich zorgen maakt over radicalisme en eventuele aanslagen, maar we moeten de risico's niet overschatten, vindt de kersverse bijzonder hoogleraar Radicalisering Studies Frank Bovenkerk. ‘Het is mijn taak om de onafhankelijke, kritische noot te plaatsen'.
'In Nederland overheerst op dit moment de angst. We leven in een risicomaatschappij, en in een dergelijke samenleving worden de subjectieve risico's breder uitgemeten dan de daadwerkelijke risico's', analyseert Bovenkerk. ‘De kans dat ons iets overkomt bij een ongeluk in en om het huis is veel reëler dan dat we betrokken raken bij een extremistische aanslag. Toch is de angst voor dat laatste groter.' Aan de ene kant begrijpelijk, vindt de bijzonder hoogleraar die sinds 1 januari zitting heeft op de FORUM Frank Buijs leerstoel Radicalisering Studies. Het idee dat mensen moedwillig andere mensen iets zouden willen aandoen, roept nu eenmaal angst en afkeer op. Tegelijkertijd verbaast Bovenkerk zich over de "kermis" rondom de terreuraanpak. ‘Tijdens mijn kennismakingsronde heb ik de hand geschud van ik weet niet hoe veel politie- en bewakingsdiensten. De Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD), de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding (NTCb), de militaire veiligheidsdienst, lokale politiediensten, het Korps Landelijke Politiediensten (KLPD), de Koninklijke Marechaussee, de Autoriteit Financiële Markten... Ze doen ongetwijfeld allemaal nuttig werk, maar het zijn er wel véél.'
Bovenkerk ziet het als zijn taak om "de onafhankelijke, kritische noot" te plaatsen bij de activiteiten die worden ondernomen en de meningen die worden verkondigd op het gebied van radicalisering en terreurbestrijding. ‘Een beetje nuance kan in dit debat absoluut geen kwaad.' De bijzonder hoogleraar wil bijvoorbeeld graag onderzoeken wat de keerzijde is van de huidige maatregelen tegen terrorisme en radicalisme. Hij waarschuwt voor de manier waarop hele bevolkingsgroepen onder een collectieve verdenking worden geplaatst. ‘Alle Marokkanen, alle moslims op de verdachtenlijst plaatsen maakt mensen woedend. Vervolgens bereik je wat je wilde voorkómen: dat mensen zich afkeren van de samenleving en dat ze zich in radicaal gedachtegoed storten. Mijn grootste angst is dan ook dat de staat overreageert.'
De bijzonder hoogleraar wijst erop dat het essentieel is om onderscheid te maken tussen potentiële terroristen die vanuit het buitenland hiernaartoe komen (‘die zijn moeilijk, zo niet onmogelijk te traceren, althans niet op grond van uiterlijke kenmerken') en de zogeheten homegrown-radicalen. ‘Mensen zoals Mohammed B., die in Nederland opgroeien en in de loop der tijd radicale ideeën ontwikkelen. Een heel interessante vraag is natuurlijk waaróm mensen radicaliseren en hoe we daar vervolgens mee omgaan. "De harde aanpak" waarvoor zo vaak wordt gepleit, dat wil zeggen strafbaar stellen en strafrechtelijk vervolgen, heeft geen enkele zin. We hebben immers te maken met overtuigingsdaders en die je zul je anders moeten aanpakken. Met hen praten, technieken toepassen die ook bij mensen in sektes en bendes worden gebruikt. Waarom is het Molukken-conflict destijds niet verder uit de hand gelopen? Doordat de overheid met die jongens is gaan praten. Ze kregen een ticket om eens een kijkje te nemen in het land waar zij hun "onafhankelijke ideaalstaat" wilden oprichten. Daarna was het snel afgelopen met de acties van de Molukkers.' In dialoog gaan met potentiële terroristen is wat Bovenkerk betreft een van de "40 manieren om terrorisme te voorkomen of tegen te gaan", een overzicht dat hij binnen afzienbare tijd wil publiceren. ‘Een andere manier kan zijn om de media te vragen zich te matigen of diplomatieker uit te laten over bevolkingsgroepen.'
Bron: FMG Communicatie
|